vrijdag 31 augustus 2012

van Rwanda naar Lake Mburo

Een lange rit. Achteraf gezien had ik de route ook anders gepland. Het begin in Uganda en het eind in Rwanda. Dat scheelt een aantal kilometers rijden en ook nog een extra visum, want als je Uganda uitgaat verloopt je visum en moet je een nieuwe komen als je terugkomt. Ik heb ook wel te doen met Gerald. Het zijn niet de beste wegen en de mede weggebruikers zijn wegpiraten. Je kunt niet even op cruise control. En ik? Ik dut regelmatig weg. Het monotone geluid van de moter, de warmte en het geschud, het is genoeg om me comateus te maken.mburo 2

Het is sterker dan ik, want het landschap is echt mooi en er is veel te zien op de weg.

Uiteindelijk komen we aan bij een tented lodge bij Lake Mburo. Niet de safari lodge die we boekten, maar het maakt me niet uit. Het is een idyllisch plekje. En de tent is goed verzorgd. De gemeenschappelijke ruimte is rustig er blijkt slechts één ander stel (uit Kenia) aanwezig te zijn. We eten er heerlijk. En we genieten van het feit dat de impala’s vlakbij komen. En dat ween wrattenzwijn zeer dichtbij horen.

mburo 1De volgende ochtend maken we een wandelsafari-tocht. Het begin is veelbelovend. Impala’s, wrattenzwijnen, topi’s noem maar op. En de gids legt veel uit over hoe de samenhang is tussen de beesten en de planten. Even schrikken we op van een wrattenzijn die uit een bush komt denderen. Gelukkig rent hij de andere kant op, de gids stond al met zijn geweer in de aanslag, maar het was gelukkig niet nodig om tot actie over te gaan.

Natuurlijk geen regenjas meegenomen en dat wordt afgestraft. Halverwege begint het te regenen. Gelukkig is mijn rugzak redelijk waterbestendig, dus de camera houden we wel droog. Net aan, want eenmaal weer in de lodge merk ik dat de tas binnen in al vochtig werd. Meteen na terugkomst maar opengezet om te drogen. En onze kleding maar even apart opbergen in het drooghoud vak in de tas. Gebruikelijk is hier dat je ruim van te voren aangeeft hoe laat je wilt eten en wat je wilt eten. En omdat onze lodge geen stromend water heeft, moet je ook aangeven hoe laat je wilt douchen. Op voorhand hadden we gezegd eerst te willen ontbijten en daarna te douchen.Mburo walk Maar als we zeiknat aankomen begrijpen ze gelukkig dat we nu eerst willen douchen en daarna pas ontbijten. Dat wordt meteen geregeld. Het blijft toch een beetje dubbel gevoel, we kunnen dit alleen meemaken omdat het arbeidsloon hier zo laag is. Gelukkig dat Great Safari Lakes echt zijn best doet om accommodaties te zoeken die stevig in communities investeren.

De tent heeft een queensize bed en een 1 persoons. Ron slaapt door zijn knie onrustig dus halverwege zoek ik het eenpersoonsbed op en val uiteindelijk in slaap. Want mozeskriebel, wat maken die krekels een herrie!

donderdag 30 augustus 2012

Gorillja of gorillnee

Kwart over vijf gaat de wekker. Donker, maar toch eerder licht dan in Uganda. Het scheelt maar een krap half uurtje, maar het scheelt toch. Ik heb slecht geslapen. Het bed was wat hard en het was kil, ondanks het dikke dekbed en de kruik. En ik was zenuwachtig. In gedachten zag ik de hele groep met een grijns van ongenoegen op die stumper uit Nederland wachten.

We ontbijten stevig. Een van de bobo’s van de lodge raadt ons aan geen packed lunch te nemen. We zijn vast op tijd terug voor het buffet verzekerd hij ons. Daar put ik moed uit. Die moed wordt een beetje weggevaagd als Gerald vraagt waarom we geen lunch bij ons hebben. Nu ja we hebben water en 2 banaantjes bij ons stellen we hem gerust. Hij kijkt wat weifelend maar we laten zoals het is. En we gaan op pad. De Rwandezen zijn sterren in het optuigen van een administratief circus. Dat zagen we niet alleen aan de grens, maar ook hier weer. De permits worden goedgekeurd en dan worden de groepen geformeerd. Mensen die de zelfde dag nog doorreizen worden aan de makkelijkst te bereiken gorilla-familie gekoppeld. De rest wordt een beetje op leeftijd bij elkaar gezet. Ik ben blij dat er ook flink wat jogeren aanwezig zijn. Laat die maar lekker naar de Susa-familie gaan denk ik gemeen.

Wij worden aan de op 2 na makkelijkste groep gekoppeld. En wij zijn de jongsten van de 7 die meedoen.  Nummer 8 was ziek geworden en moest naar het ziekenhuis, ook niet echt iets waar je op zit te wachten. We huren een drager in voor 10 dollar. Die man draagt niet alleen je rugzak, maar geeft je een walking stick en een helpende hand waar je die nodig hebt. Aan het einde van de tocht kan ik met een gerust hart zeggen dat het de meest wel besteedde 10 dollar ooit waren. Billy blijkt goud waard te zijn. Ik ben blij dat we 3 flesjes water meenamen. Zodat we hem tenminste ook een flesje konden geven en volgens mij was hij daar erg blij mee.

gorilla 1De tocht was pittig. Sommige  stukken gingen erg steil omhoog door dichte begroeiing. Je moet uitkijken voor wortels. Wortels waar je makkelijk op uitglijdt, of waar je met je schoen onder komt zodat je je nek breekt. De gids zwaait imponerend met een machete om een doorgang te creëren.  Het uitzicht is heel mooi bedenk ik me terwijl ik mijn longen uitkots, want jezus mina, 2500 meter hoogte in een vochtige omgeving hakt er wel in. Gelukkig zijn schatje en ik nog de meest fitte van het gezelschap. Dáccord, de trackers, gids en dragers uitgezonderd. Die vervelen zich de pleuris vanwege het slakke tempo dat wij hebben.gorilla 2

Maar na zo’n 2 uur komt het signaal. De dragers blijven achter met de stokken en wij mogen door met alleen een camera. En ja hoor even later zien we ze. Wat een ervaring! Een hele groep, met silverback, baby's, grote vrouwtjes apen. En hoezo mochten we ze maar op 7 meter benaderen? Af en toe kruipen ze bijna over je voeten heen. Dat mag niet van de gidsen die dan een waarschuwend geluid laten horen. En de trackers helpen ons om door het struikgewas de mooiste plek te laten vinden.

Na een uur zit het er op en moeten we terug. We blijven iets langer, en mogen nog naar de Silverback die ik bijna kan aanraken en op een gegeven moment vlak achter Ron gaat zitten. Geweldig!

Maar dan moeten we terug. Steil naar beneden blijkt ook lastig te zijn, maar Billy helpt ons er door heen. Ron heeft flink zijn slechte knie bezeerd. En ik moet ‘s avonds wel een diazepammetje, maar ik zou het zo over doen.  Tegen 2 uur zijn we weer in de lodge.

Kigali 26-27-8

Van Lake Bunyonyi op weg naar Kigali. Hoewel wel een omweg om de gorilla’s te zien, wilde ik het toch perse bezoeken. Hotel Rwanda (film) en een dag aan het zwembad van Kigali (boek) lagen daaraan ten grondslag. De grensovergang neemt nogal wat tijd in beslag. De visa zijn van te voren aangevraagd en geregeld, maar eerst moeten we Uganda uit, Rwanda in. De auto moet apart geregeld worden. Iets dat toch al gauw een uur in beslag neemt. Een gekkenhuis.

In Kigali bezochten we het genocide museum, waar ook een deel van de massagraven zijn. Verbazingwekkend hoe de wereld toekeek bij een genocide die in 3 tot 4 maanden tijd 1 miljoen mensen trof. Euh, 1miljoen werd afgeslacht. Het drama raakte natuurlijk veel meer mensen. We bezochten er het genocide museum. Echt indrukwekkend. Een film waarin ooggetuigen hun verhaal vertelden maakten indruk. Het is echt onvoorstelbaar dat vanuit de andere landen niemand optrad. De UN keek gewoon toe en het was niet dat er niet al voldoende signalen waren afgegeven. Dit aapje symboliseert het delen van informatie over de wereld mbv internet en mobiele telefoon om dit soort wantoestanden te voorkomen.

De Belgen hebben er niet zo’n frisse rol gespeeld. Het wordt tijd dat ik het boek Congo lees als ik weer terug ben van deze trip.

Na het museum en het monument bezochten we een marktje waar ik een aardigheidje kocht.

Wij overnachtten in Chez Lando een prima hotel. Het eerste biertje dat we er namen was wel even slikken. Letterlijk, want het bleek een fles van driekwart liter te zijn. Mozes kriebel!

De volgende dag gingen we op weg naar het Parc des Volcanes. Toch ook wel weer een flinke rit. Ook omdat het weer behoorlijk regende en onweerde onderweg. Maar wat een mooi landschap weer. Rwanda is het land van de 1000 heuvels. Heuvels? Bergen! Veel mist en wolken. En veel akkertjes. En ook weer overal bananen! Door het onweer is het een beetje file rijden. Veel vrachtverkeer op de weg dat door het slechte weer of de enorme lading die ze vervoeren nauwelijks vaart kunnen maken.

Uiteindelijk komen we in de Mountain Gorilla View lodge aan en we zijn aangenaam verrast door de mooie lodge. Moe van het reizen lezen we nog wat bij ons haardvuurtje. Want ondanks dat we in de tropen zitten, wordt het hier ‘s avonds erg koud. dans gorilla view lodgeEr wordt dan ook nog eens een kruik in bed gelegd. Ondanks de goede zorgen slaap ik onrustig. Ik zie op tegen morgen. Dan staan de gorilla’s op het programma. En hoewel ik wel heb getraind weet ik dat 2500 meter hoogte en klimmen en klauteren door de bush geen makkie is. Ik ben zelfs een beetje zenuwachtig omdat ik ban beng andere mensen tot last te zijn. Maar Gerald verzekert me dat het niet niet nodig is.

Het wekkertje wordt om kwart over 5 gezet voor we ons bed in duiken

zondag 26 augustus 2012

Naar Lake Bunyonyi 24-25-8

Vanuit de Simba Lodge gaan we vroeg op pad. De nacht had nog wel een verrassing. In de Simba Lodge verbleven ook een viertal Britten die nogal typical Brittish waren. Herinneringen aan de serie “Moeder wat is het heet” schoten te binnen. Eén van die Britten werd midden in de nacht wakker van een stel kletsende vrouwen achter onze hut. Toegegeven, ze spraken best luid, maar een normaal mens staat even op en gaat naar ze toe en vraagt of ze het volume wat terug willen draaien.

Zo niet deze mijnheer.

Hij begon vanuit zijn cabin te roepen. De vrouwen voelden zich natuurlijk in het geheel niet aangesproken en kakelden rustig door. En toen ontstak de man in zeer on-typische Britse woede. Of ze the fuck wilden up-shutten brulde hij op de top van zijn longen en hij bonkte hard op de muren. Ik lag toen al bijna van ledderom in mijn bed. We moesten moeite doen om niet hardop te giechelen. Dat had waarschijnlijk alleen olie op het vuur gegooid.

Maar het werd stil en uiteindelijk viel iedereen weer in slaap. Maar bij het zeer vroege ontbijt kreeg de betreffende man wel “thLakee eye” van zijn gezelschap. Hij werd genegeerd. Wij waren niet de enigen die het incident hadden gehoord Glimlach

Na het vroege ontbijt maakten we een game drive en togen daarna op weg naar Lake Bunyonyi. Een lange stoffige rit. De weg werd op een groot stuk aangelegd en gerepareerd (echt een stuk over kilometers). Om de wegwerkers tegen de wegpiraten te beschermen, was om de zoveel meter een verkeersdrempel. Echt vaart maken zat er dus niet in. En een plek om even de blazen te legen was er daardoor ook niet echt. En het was warm. Echt heel warm. Ik benijdde Gerald niet echt. Moeilijke omstandigheden om te rijden. En er zijn hier echt wegpiraten. Met name de chauffeurs van de bussen zijn berucht. Hier wordt alles aan de markt over gelaten en zie, ze rijden elkaar bijkans van de weg voor de volgende klant! Het wordt tijd dat die liberalen uit west-europa eens hun licht op steken buiten hun landsgrenzen en ontdekkebloem bunyonyin dat enige regulering toch echt nodig is!

Lake Bunyonyi is prachtig. De lokatie waar we zitten is ook best aardig, alleen erg groot. Een hoteldeel, met kamers, een mega-grote diner met loungedeel en wat cottages om de tuin heen. Het is een beetje sleets. Achterstallig onderhoud, wat antieke inrichting. En ja het blijft een ontwikkelingsland. Zo hebben we vandaag al de hele dag geen stroom. De generator werd even aangezet voor mijn sandwich (als ik dat had geweten had ik iets anders besteld). Maar de drankjes worden rap minder koud. Ik vrees voor onze biertjes straks! Maar wat het vreemdst is, wij zijn de enige gasten. En dan in zo’n groot complex zitten, dat geeft toch een heel unheimisch gevoel. Je voelt je zo bijna hoofdrolspeler in een slechte horror-film.

Maar vandaag is een heerlijke relax dag, beetje pootje poedelen in het Lake, beetje zonnen, beetje vogels spotten, beetje schetsen, voor je het weet is het al weer 5 uur en is de batterij van de laptop nog maar voor ff gevuld.

Tijd om deze blog af te sluiten. En om thee te gaan drinken. Want dat is tenslotte een lekker drankje dat niet gekoeld hoeft te zijn! Glimlach

Queen Elizabeth Park 23-8

Gisteravond begon het dan toch weer te regenen. We hielden ons hart vast want de volgende dag zou beginnen met een chimp-tracking. En de vorige keer kwamen die k-apen hun nest niet uit vanwege de regen. Gelukkig was het een buitje van een half uur. Dus we hadden nog een kans dachten we.

Op het terras bij de Simba Lodge landde ‘s avonds nog een mega-tor. Ik bedoel geen louzy lieveheersbeestje, nee een joekel van zeker 8 centimeter die rakelings langs mijn been scheerde. Ik voelde zijn vleugels flapperen. Ik hoorde ze ook, maar het gevoel was genoeg om me een stuip te bezorgen. Het beest landde op zijn rug op het terras en werd daarmee een tourist-attraction van je welste. De Ugandeze chauffeurs en personeel van de lodge negeerde het tafereel compleet. Je zag ze hooguit denken “stamp dood en drink je drankje op”. Volgens Gerald was het een mestkever, maar zo’n grote kever zag ik echt nog nooit eerder.

Het eten was weer prima, vis in kokos-saus. Na de overvloed van groentes in de Rwenzorie View Guesthouse was het even wennen dat er geen groente bij was, maar desondanks was het prima. De groentes waren verwerkt in het soepje vooraf. Daarna was het goed slapen in spannende afwachting of we die k-apen zouden zien.

En?

chimp

We zagen ze!

Niet eens na zo heel veel wandelen hoorden we ze, en na een uurtje klauteren en klimmen zagen we ze ook.Klotsend van het zweet van de inspanning zagen we in totaal 6 chimps. Niet in een flits zoals in Budongo, maar uitgebreid. Maar fotograferen was moeilijk. Ze bewegen veel en in het bos is het donker. Bovendien is het er vochtig, dus lenzen en brillen beslaan snel en het zweet loopt je in de ogen. (Om maar te zwijgen over alle andere plaatsen waar je het zweet ook voelt)

Scherpstellen is echt lastig. Maar hopelijk zitten er een paar mooie foto’s tussen. En wat was het een ervaring. De tracking deden we in totaal met 6 mensen en we waren allemaal blij dat we die apies goed zagen.chimp 2

Na de chimptracking deden we een boottocht door het kanaal. Een heel ander soort safari dan de boottocht op de Nijl, maar we zagen toch ook weer mooie plaatjes op een heel relaxte manier. Al heel voldaan reden we naar de lodge en werden ook nog eens geconfronteerd met een groep olifanten waarbij de tiener olifanten stoer trompetterde en deden of ze de jeep aanvielen. Totaal genegeerd door mamma-olifant die gewoon doorsjokte. Ze negeerde het stoere gedrag van haar kroost helemaal. Waarschijnlijk dacht ze alleen “kom op uitslover, doorlopen!”

Wat een ervaring vandaag. We zijn blij dat we een extra chimptracking inlastten. De organisatie waar Gerald voor werkt belde hem nog op om te vragen of de klanten (wij dus) de chimps hadden gezien en of we tevreden waren. Ja dus!

K Van Fort Portal naar Queen Elizabeth Park 22-8

Vanochtend wakker met stramme benen. De wandelingen van gister hakten er toch wel in. Alles voor die k-apen. Als we ze te zien gaan krijgen.

We hoeven vanochtend niet vroeg op. Queen Elizabeth Park is niet ver. We sluiten het bezoek aan de Rwenzorie view guesthouse af met een goed ontbijt (geroosterd brood, want mijn darmen spelen toch wat op.)

In de guesthouse koop ik een boda-boda en een mandje. En Ron een olifant. Ik heb even gecheckt of er hardhout of ivoor voor was gebruikt, maar het is een zwart gemaakt houten beeldje en de slagtanden zijn gerald en lunchgewoon witgeverfd. Dan mag het wel mee. De boda-boda is schattig, gemaakt van afval (metaal resten en wat stof en hout), en geverfd. Het stelt 3 figuurtjes op een brommer voor. Een boda boda is een taxi in brommervorm. De weg is er van vergeven. En er passen best 3 mensen op inclusief bagage. Gerald is een heel goed chauffeur. Hij rijdt rustig en houdt met veel dingen rekening. Zo is hij voorbereidt op onverwachte situaties. Brokkenpiloten herkent hij al van verre. En da’s hier geen overbodige luxe. Ook koopt hij regelmatig fruit voor ons, passievrucht, ananas, en veel soorten banaan. Als snack tussen door. Ook leuk dat hij regelmatig met ons mee komt eten of iets mee drinkt. Iets dat onze chauffeur vorig jaar allemaal niet deed. Niet dat Gerald aardiger is, maar je merkt dat hij een hele andere persoonlijkheid is. Hij vertelt echt uit zichzelf dingen. Ook als er niet naar gevraagd wordt.  En dat is iets dat we niet veel hebben meegemaakt in Afrika.  Op deze foto zitten we samen te lunchen. Ik had net weer genoeg energie om mijn tong voor iets anders te gebruiken dan op mijn schoenen te laten hangen. En alle poriën waren weer wat uitgegutst.

Op weg naar Queen Elizabeth Park doen we de Mugusu markt aan. Echt een hele grote markt. Er wordt veel kleding verkocht. Kleding die via zakken van Max en andere ophaalservices worden verzameld en verscheept. Ik zie tussen de bergen kleren een broek exact dezelfde als die ik vandaag aan heb. Een H&M-tje van West Europa naar Oost Afrika. Bizar….als ik hier iets zou kopen zou dat toch een vreemde logistiek opleveren. Ook stoppen we nog in Kasesi. Ook daar even rondgelopen en een klein marktje bezocht. Ik zag geen kruiden voor P helaas. Wel verse kruiden, maar die zijn al rot voor de volgende ochtend vermoed ik zo.

Uiteindelijk komen we in Simba Safari Lodge aan. Eenvoudige lodge, net buiten het park. Hier is het bloedverziekend heet. Je kan merken dat we op steenworp afstand van de evenaar zittenhagedis in Simba, niet beschermd door Ron in Simbahoge bomen. De vochtigheidsgraad is best hoog ook nog.

Terwijl ik even wat spulletjes uitpak en de kamer verken leest Ron een boekje. Hij heeft niet door dat hij begluurd wordt door een hagedis. Na een half uurtje bijkomen komt de zon steeds verder op ons terrasje en daardoor wordt het echt mucho caliente. Dat vraagt maar om één ding: Tijd om een siësta te doen.

Morgen moeten we weer vroeg op. Dan gaan we de ingelaste chimp-tracking doen in de kloof van het park.

dinsdag 21 augustus 2012

Van Hoima naar Fort Portal

Vandaag echt een reisdag. Van Hoima naar Fort Portal. Zeker aan het begin van de weg merken we de gevolgen van het noodweer van van de week. De wegreperaties beginnen wel op gang te komen, maar dan merk je toch het verschil met Nederland. Wij hebben ten eerste een klimaat dat hard werken toelaat en alles is geregeld in Nederland.
Niet dat de Ugandezen niet hard werken, in tegendeel. We hebben ze zien zwoegen onderweg. Maar alles kost zoveel moeite doordat basale zaken zoals bijvoorbeeld goede wegen ontbreken.
In Fort Portal overnachten we in de Rwenzorie view guesthouse. Geleidt door een Nederlandse en haar man. Later leren we dat ze flink in schooltjes in de omgeving heeft geïnvesteerd en met behulp van een Nederlandse organisatie (Memisa als ik het goed verstond) heeft opgebouwd. Ze zorgt er voor dat haar gasten via een Ugandeze organisatie activiteiten boekt. Zo hebben lokale mensen een baan en de organisatie doneert 30% van haar opbrengst in de scholen in de omgeving. Zo profiteert iedereen een beetje.
De guwandeling rwenzorieesthouse is geweldig. Ik kan hem iedereen aanraden als je ooit in Fort Portal komt. Het eten is goed, de kamers schoon en het bed uitstekend. Een mooie tuin die uitzicht biedt op de Rwenzorie mountains. Alleen jammer dat het onweert. Als we er aankomen besluiten we de middag lekker te relaxen. Een wasje te laten doen en de blogs bij te werken. Na al dat gehobbel in de jeep en al die ervaringen en flink wat keren heel vroeg opstaan, waren we daar wel aan toe.
De dag erna start met een goed ontbijt. Gerald schuift en en bespreekt het programma. We gaan een wandeling richting de Rwenzories maken. kinderen onderweg RwenzoriesDaar zullen we onderweg een gemeenschap bezoeken en ed gids zal wat vertellen van wat er onderweg gebeurt. Eén nadeel van ed tropen is dat het bloedverziekend heet kan zijn en dat klimmen in de hitte niet echt mijn favoriete bezigheid is. Maar ik hou stug vol. Het uitzicht is prachtig en onderweg komen kindjes aan rennen om ons te begroeten en naar ons te zwaaien. Ze willen ons ook echt even aanraken om te checken of onze witte huid het wel doet.
Na die wandeling bezoeken we de Crater Lakes. Dat stond eigenlijk voor de volgende dag gepland, maar ik zou ook graag naar de lokale markt willen die op woensdag is. Dus Gerald regelt gauw een gids die onze vermoeide lijven door een andere community heen sleurt. In de bloedverziekende hitte bezoeken we diverse huisjes. Volwassen mensen vinden het niet leuk om gefotografeerd te worden en eigenlijk komt het niet eens in me op om de fotograferen. Je voelt je toch al zo’n indringer. Maar ook hier willen de kinderen wel op de foto. En ondanks dat zweet uit elke onvermoede porie gutst en mijn tong op mijn schoenen hangt (kunnen ze dat land niet plat maken?) is het een hele belevenis. En de Crater Lakes zijn echt heel mooi.
De gids hier vertelt veel over de community. hoe ze werken hoe het geld van onze wandeltocht wordt gebruikt. Hij vertelt over de gewassen die gekweekt worden en we leren hoe we Matoke bananen van Beer bananen kunnen onderscheiden. De eerste is om te eten de tweede om gin van te stoken.  Iets dat veel gebeurd hier.
Doodmoe komen we uiteindelijk in de guesthouse aan.  Tijd voor thee om bij te tanken. En die thee gaat er sissend in!